Shelter 68 moet leefbaar blijven, dus er zijn huisregels, wie die overtreedt krijgt een sanctie. Zo simpel is het! Ik duid ze aan op de lijst in het in blauw. Roken in de shelter 1 nacht sanctie. Een blikje bier drinken: 1 nacht sanctie. Een bus scheerschuim stelen 1 nacht sanctie,…. Vaak futiliteiten, soms ook erger. Ik noteer ze. De shelter moet leefbaar blijven. Maar het doet zeer, iedere blauwe naam van de man die honger, dorst en kou heeft. Ik haat dat blauw.
Maar soms helpt poëzie, het doet ons nadenken:
Het is vreselijk
De tik van het hardgekookte ei op de marmeren toog
Het is vreselijk dat geluid
Als het woelt in de herinnering van de man die honger lijdt
Vreselijk is ook de kop van de man
De kop van de man die honger lijdt
Als hij om zes uur in de ochtend
Zich spiegelt in de winkelruit
Een stofkleurige kop
Maar hij kijkt niet naar zijn kop
In de winkelruit van de keurslager
Hij heeft lak aan zijn kop die man
Hij denkt er niet aan
Hij mijmert
Hij verbeeldt zich een andere kop
Bijvoorbeeld een kalfskop
In een zure saus
Of een kop van eender wat dat eetbaar is
En hij beweegt zachtjes zijn kaken
Zachtjes
En zachtjes knarsen zijn tanden
Want de wereld zit hem op zijn kop
En hij kan niets tegen die wereld
En hij telt op zijn vingers een twee drie
Een twee drie
Drie dagen dat hij niet heeft gegeten
En zelfs al zegt hij al drie dagen
Dat kan niet blijven duren
Het blijft maar duren
Drie dagen
Drie nachten
Zonder eten
En achter die ruiten
Die pasteien die flessen die conserven
Dode vissen beschermd door blik
Blik beschermd door glas
Glas beschermd door een flik
Een flik beschermd door angst
Zoveel barricaden voor zes arme sardienen…
En wat verder het café
Koffie met room en warme croissants
De man wankelt
En binnen in zijn kop
Een mist van woorden
Een mist van woorden
Sardienen die vullen
Hardgekookt eitje koffie met room
Koffie met scheutje rum
Koffie met room
Koffie met room
Koffie met moord met scheutje bloed!...
Een man van aanzien in zijn wijk
Werd midden op de dag gemold
De moordenaar de vagebond heeft hem
Voor twee frank gerold
Hetzij een koffie met scheut
Zeventig centimes
Twee boterhammen
En vijfentwintig centimes fooi voor de ober
Het is vreselijk
De tik van het hardgekookt ei op de marmeren toog
Het is vreselijk dat geluid
Als het woelt in de herinnering van de man die honger lijdt.
Gedicht: Jacques Prevert
Bijdrage: Marijke, dispatch
Geen opmerkingen:
Een reactie posten